Waarom is een nieuwe vraagstelling nodig?
De huidige vraag over de ervaren inzet van de corporatie, biedt corporaties weinig mogelijkheden om te leren en te sturen. De score blijft al 3 jaar steken rond een 6 en verschillen tussen corporaties nemen niet af. Ook heeft 30 tot 40% van de huurders geen beeld bij deze inzet.
Dat maakt het lastig om gericht verbeteringen door te voeren. Corporaties missen houvast voor te maken keuzes en het gesprek daarover. Het doel van de benchmark – leren en ontwikkelen – komt zo onvoldoende uit de verf.
Met de nieuw vraagstelling zet Aedes een stap naar een manier van meten die beter aansluit bij de leefwereld van huurders. Dat levert meer inzicht op en helpt corporaties om gerichter te sturen en samen te werken.
Alternatief: sturen op thuisgevoel
Daarom ligt er nu een alternatief op tafel: meten hoe prettig mensen wonen in hun buurt. Die nieuwe invalshoek sluit beter aan bij de belevingswereld van huurders, ze herkennen dit begrip. Het levert naar verwachting meer inzicht op en helpt beter bij leren en sturen.
Corporaties zien hiervan de meerwaarde in. Ze hebben er al ervaring mee en de uitkomsten geven meer richting voor beleid en samenwerking. Dat maakt het gesprek concreter en relevanter.
Barend van de Kraats: ‘De nieuwe invalshoek erkent ook dat verbeteringen van leefbaarheid niet alleen een taak is van corporaties, maar ook van andere partijen, zoals gemeenten en zorginstellingen. Thuisgevoel kan immers ook afhangen van factoren waar je als corporatie minder of niet als enige invloed op hebt. Bij de nieuwe vraagstelling kijken we dan ook naar de onderliggende factoren die thuisgevoel kunnen beïnvloeden. Is bijvoorbeeld veiligheid een belangrijke factor? Dan weet je dat je als corporatie met de politie en de gemeente om tafel moet.’
Kijk ook eens bij
De doorontwikkeling is in samenspraak met de werkgroep Aedes-benchmark Leefbaarheid en de strategische klankbordgroep Benchmark ontwikkeld.