Verduurzaming

Toekomstklaar isoleren: wat betekent dat voor corporaties?

Experts
Anne van Stijn
Adviseur Verduurzaming
Pauline Poeze
Adviseur Sectorontwikkeling

Woningcorporaties moeten tot en met 2030 675.000 woningen zodanig isoleren, dat ze aan bepaalde normen voldoen. Dat noemen we toekomstklaar isoleren. Dit is vastgelegd in de Nationale Prestatieafspraken. Dit jaar hebben het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Aedes deze definitie uitgewerkt. Je leest in dit artikel wat we overeengekomen zijn over toekomstklaar isoleren én hoe corporaties hiermee aan de slag kunnen.

Toekomstklaar of Standaard voor woningisolatie?

Het Rijk heeft de zogenoemde Standaard vastgesteld als norm voor de isolatie van woningen. Deze Standaard geldt volgens de Nationale Prestatieafspraken als referentie voor toekomstklaar isoleren. Hoe verhouden de Standaard en toekomstklaar isoleren zich ten opzichte van elkaar? En waar moeten corporaties vanuit gaan?

De Standaard is een maat voor de maximale warmtevraag die individueel voor elke woning wordt vastgesteld aan de hand van het bouwjaar, type woning, vloeroppervlak en geveloppervlak. Het uitgangspunt is dat maatregelen binnen de bestaande schil voldoende zijn om de Standaard te halen. Het gaat hier om isolatie, kierdichting én ventilatie.

Soms is het voor corporaties lastig om een woning naar de Standaard te brengen. Corporaties hebben al veel woningen geïsoleerd. De gemiddelde afstand tot de Standaard is laag. Voor het maken van de laatste stap naar de Standaard zijn bij een al goed geïsoleerde woning vaak relatief dure maatregelen nodig, in verhouding tot de verlaging van de warmtevraag. Ook voor woningen die nog geïsoleerd moeten worden, is er een aantal situaties waarin verduurzamen tot de Standaard niet de meest doelmatige keuze is. Om ondoelmatige investeringen te voorkomen, hebben Aedes en het Rijk afgesproken dat corporaties woningen toekomstklaar isoleren. Dat lichten we hieronder toe.

Wanneer is een woning toekomstklaar geïsoleerd? 

De afspraken over toekomstklaar isoleren gelden voor bestaande woningen die verduurzaamd worden. Voor de Nationale Prestatieafspraken tellen alle woningen mee die vanaf 2022 tot dit niveau zijn geïsoleerd zijn. Sloop-nieuwbouw telt ook mee voor de afspraken.

Een woning is volgens de afspraken toekomstklaar geïsoleerd, als je deze vanaf 2022 hebt aangepakt, met als resultaat:

  • De geïsoleerde woning voldoet aan de Standaard.
  • Alle woningen binnen een complex voldoen aan de Standaard, op enkele na. Om die naar de Standaard te brengen, moet de corporatie meer verduurzamingsmaatregelen treffen in het hele complex, terwijl dat voor de andere woningen niet nodig is. In dat geval hoeft voor die enkele woningen de Standaard niét behaald te worden, zolang deze wel op dezelfde manier verwarmd kunnen worden als de rest van het complex. Een complex kan zowel appartementen als grondgebonden woningen bevatten.
    Bijvoorbeeld: voor de woning, gelegen op de midden verdieping van een complex grenzend aan de zijgevel, is het niet mogelijk de Standaard te halen door de spouwmuur te vullen. De zijgevel van binnen isoleren blijkt technisch niet mogelijk. De zijgevel van buiten isoleren is voor de andere woningen in het complex niet nodig om naar de Standaard te gaan. De isolatie buitenom maakt de verduurzaming van alle woningen in het complex veel duurder. Bovendien kan de woning aan de zijgevel met het aanbrengen van spouwmuurisolatie verwarmd worden met dezelfde temperatuur als de andere woningen in het complex. De corporatie kiest er daarom voor om alleen spouwmuurisolatie aan te brengen. Hiermee voldoet de woning op de midden verdieping aan de zijgevel niet aan de Standaard, maar is wel toekomstklaar geïsoleerd.
  • De huurder van een woning heeft Zelf Aangebrachte Voorzieningen (ZAV) aangebracht. Door deze ZAV voldoet de woning na isolatie niet aan de Standaard. Zonder de ZAV zou de corporatie de woning wel naar het niveau van de Standaard kunnen brengen.
    Bijvoorbeeld: de corporatie isoleert enkele rijtjeswoningen. Met het gekozen maatregelenpakket brengt de corporatie alle rijtjeswoningen tot de Standaard. Aan een van deze woningen heeft een huurder een aanbouw geplaatst. Door deze aanbouw volstaan de isolatiemaatregelen niet om deze woning tot de Standaard te brengen. De corporatie besluit om de aanbouw niet extra te isoleren. Hiermee voldoet de woning met de aanbouw niet aan de Standaard, maar is wel toekomstklaar geïsoleerd.
  • De woning heeft een A+-label gekregen na het nemen van isolatiemaatregelen. De woning heeft een lage netto warmtevraag.
  • De woning is na de aanpak goed te verwarmen op lage temperatuur (50⁰C), zonder dat er opnieuw grote isolatie-ingrepen nodig zijn. Voor de overgang naar een LT-bron zijn alleen nog beperkte ingrepen nodig, zoals het aanpassen van het afgiftesysteem, de ventilatie of kierdichting. Bijvoorbeeld: de corporatie verduurzaamt een complex. De woningen worden geïsoleerd en aangesloten op een midden-temperatuur warmtenet. In de toekomst kan de temperatuur van het warmtenet verlaagd worden naar 50⁰C. Er is dan alleen een kleine aanpassing nodig aan het afgiftesysteem. Door een extra verwarmingspaneel bij te plaatsen, kan de afgiftecapaciteit makkelijk worden verhoogd. Er zijn geen extra isolatie-ingrepen meer nodig. De woning voldoet na verduurzaming niet aan de Standaard, maar is wel toekomstklaar geïsoleerd.

Hoe zit het met woningen op midden-temperatuur?

In de praktijk worden woningen niet altijd aangesloten op lage-temperatuur verwarming. Veel warmtenetten blijven vooralsnog langdurig op midden-temperatuur. Woningen met midden-temperatuur verwarming zijn ook warm te stoken zonder dat ze geïsoleerd worden tot de Standaard. Corporaties kunnen ervoor kiezen om deze woningen niet verder te isoleren dan nodig is voor de  alternatieve warmtebron waarop ze de woning willen aansluiten. Corporaties kunnen op deze manier woningen aardgasvrij maken. Deze woningen tellen niét mee als toekomstklaar geïsoleerd, maar wel voor de afspraak van 450.000 woningen aardgasvrij uit de Nationale Prestatieafspraken. Via de dVi en dPi wordt de aanpak van deze woningen gemonitord.

Wat kunnen corporaties nu doen?

Ben je als corporatie bezig met de uitwerking van je verduurzamingsplannen? Overweeg dan om woningen direct toekomstklaar te isoleren. Hiervoor moet je eerst een beeld krijgen van hoever de woningen afstaan van de Standaard en op welke bron deze naar verwachting worden aangesloten. Op basis daarvan kun je vaststellen welke complexen je tot 2030 aanpakt en met welke maatregelen je corporatie de woningen toekomstklaar wilt isoleren.

Richtlijnen die je zou kunnen toepassen om te bepalen welke woningen je versneld gaat aanpakken:

  • Als je bij woningen die op lage temperatuur verwarmd (gaan) worden, aan de slag gaat, isoleer ze dan direct toekomstklaar.
  • Is een gebouwcomponent toe aan vervanging? Isoleer het dan in één keer goed. Hierbij kunnen de Standaard en Streefwaarden je helpen om het isolatieniveau te bepalen. Let op! Als je voor ieder gebouwcomponent de Streefwaarden zou toepassen, dan haal je ruimschoots de Standaard.

Hoe helpt Aedes corporaties bij toekomstklaar isoleren?

Aedes zet in 2024 een kennisprogramma op over toekomstklaar isoleren, waarvan leden gebruik kunnen maken. Via de ledenbrief en de community Verduurzamen houden we je op de hoogte van de activiteiten en middelen die we bieden. Op de onderwerppagina Verduurzaming op Aedes.nl plaatsen we regelmatig nieuwe artikelen en praktijkvoorbeelden. Als je deze pagina volgt, krijg je een alert bij een nieuw bericht.    

De Aedes-Routekaart  geeft je eenvoudig, op portefeuilleniveau, een beeld van hoever je complexen afstaan van de Standaard en welke aardgasvrije bron naar verwachting in de buurt beschikbaar komt. De routekaart is een instrument dat je in staat stelt verschillende scenario’s op te stellen en met elkaar te vergelijken. Daarmee helpt de routekaart om keuzes te maken voor welke complexen je aanpakt voor toekomstklaar isoleren, door deze vóór 2030 in te plannen.

Kijk ook eens bij